Brilvogels.

 

Deze vogels komen in + 60 soorten voor. Ze komen uit Afrika, Azië en Australië. De grootte varieert van 10 tot 15 cm.

Een van de bekendste soorten is de Ganges brilvogel.

Kenmerk van deze vogel:

Bovendelen olijfkleurig grijsgroen.

Keel en middelste gedeelte van de borst zijn geel. De onderdelen zijn grijsachtig. Rondom het oog is een duidelijke witte oogring.

De snavel is lichtgebogen, slank en zwart van kleur.

De slagpennen en staart zijn zwartachtig.

Het oog is geelachtig grijs. De poten donker grijs. Het vrouwtje is matter van kleur.

 

Nog enkele andere soorten zijn:

 

De Japanse Brilvogel; deze is 11 cm. en onder­scheidt zich door een citroen gele kin, keel en onderstaartdekveren, terwijl de verdere onderdelen bruinachtig isabel kleurig zijn.

 

De Chinese Brilvogel is heldergroen op kop en halszijde en heeft zwarte teugels en zwavelgele onderstaartdekveren, kin en keel.

Deze vogel is 10,5 cm. groot.

 

Nog een soort is de Australische Brilvogel. Bovendelen zijn grijs, evenals de krop en borst. De kin, keel en kopzijden zijn zwavelgeel.

Het midden van de onderdelen is witachtig. De rest is isabel kleurig bruin.

De vleugels en staart geelachtig olijf, de snavel bruin en de poten grijsbruin.

Het zijn populaire, maar geen kleurrijke vogels. Toch kunnen ze erg tam worden.

Ze leven van nectar en een goed universeelvoer, eivoer en als levendvoer buflo- en meelwormen, miereneitjes en kleine insecten.

Fruit mag ook niet op het menu ontbreken.

Het zijn behendige vogels in het vangen van insecten, men kan ze vergelijken met mezen soorten.

Het nest is komvormig en gemaakt van grassen en spin rag, waarin ze ongeveer 3 eitjes leggen. Beide vogels broeden het legsel in + 12 dagen uit. Ze dulden geen soortgenoten in de buurt en andere vogels die te dicht bij hun nest komen worden verjaagd.

Toch is het een vogeltje om eens in een ruime volière uit te proberen want dat verdient deze soort wel.

 

J.T.M. Gielen.